Jan Vroegop
Opinie

10/01/12 om 00:00 - Bijgewerkt op 09/01/12 om 23:59

Welke keuzes hebben de constructeurs?

In Europa heeft de gedrukte communicatie steeds minder gietijzer, staal en ruimte nodig. Welke alternatieven hebben machinefabrikanten voor hun constructiecapaciteit?

Vijf bedreigingen

Michael E. Porter, een professor aan de Harvard University, heeft onderzoek uitgevoerd naar de bedreigingen waaraan industrietakken blootgesteld staan. Hij ziet vijf belangrijke bedreigingen en vertaald naar de papier- en drukindustrie gaat het om:

1. De macht van grondstoffenleveranciers

2. De macht van consoliderende klanten

3. De bedreiging van substituerende communicatieproducten zoals internet en RTV

4. De bedreiging door nieuwe spelers in de markt voor gedrukte communicatie, zoals printerfabrikanten en internetdrukkers

5. De concurrentie onder de grafische machinebouwers.

De wereldwijde economische malaise versterkt die dreigingen nog waardoor de levenscyclus van veel grafische productieapparatuur nu snel korter wordt. Wat kunnen de grafische machinebouwers daartegen doen? In de kosten snijden, is een eerste optie, maar ook dat brengt (hoge) kosten met zich mee. Dat hebben we gemerkt in het laatste decennium waarin de globale papier- en drukindustrie met ongeveer een kwart is gereduceerd. Wat is echter het alternatief?

Verkeerde strategische beslissingen uit het verleden

Alle fabrikanten van persen, afwerk- en randapparatuur voelen bovenstaande bedreigingen. En dat heeft tot verschuivingen in de sector geleid. Adast is verdwenen. Akiyama en Goss zijn eigendom van Shanghai Electric. Hamada is nu in Chinese/Japanse handen. Bij Shinohara en manroland moeten curatoren orde op zaken stellen. Solna is een onderdeel van de Wifag-Polytype holding geworden, terwijl Wifag zelf alleen nog maar een servicebedrijf binnen die holding is.

Er zijn natuurlijk nog zelfstandige persenbouwers actief (Heidelberg, KBA, Komori, Manugraph, Mitsubishi, Ryobi, Orient en Tensor), maar vaak moeten die nog in het reine komen met geldverslindende vergissingen uit het verleden. Het FFS-concept van Goss bijvoorbeeld sloeg niet aan in de krantensector, terwijl het concern met een stroeve organisatie blijft kampen. Toch krijgt men al meer zicht op de overlevingsstrategie van Goss: marktniches op wereldschaal invullen en door kleine strategische overnames zijn positie versterken. Ook Heidelberg sloeg de bal mis met zijn concept voor een krantenpers en heeft de rotatie afgestoten. Manroland verslikte zich in zijn strategie om met variabele rotatieoffset (Varoset, Cartoman, DicoWeb) op de markt te komen. Ook de cyclische megaorders van het krantenconcern News International (Rupert Murdoch) veroorzaakten ongezonde schokeffecten bij manroland. De laatste bestelling van News International was goed voor vier jaar werk, maar daarna viel een gat. Dat overkwam manroland 15 jaar eerder ook al, maar toen wist het bedrijf dat te overleven. Ook Solna en Wifag namen in het verleden verkeerde strategische beslissingen.

Het zijn bijna allemaal zware rotatiemachinefabrieken die zich vertild hebben en in de problemen geraakt zijn. Alleen KBA lijkt met zijn concept voor slimme krantenpersen aan de algemene trend te ontsnappen. Ontwikkelingen in de krantenmarkt echter laten een toekomst vermoeden waarin twee, hooguit drie bouwers van krantenpersen rendabel kunnen overleven, terwijl er vandaag nog zeker twaalf actief zijn. Bovendien is er vaak een opsplitsing in mechanische en elektronische aspecten. Die laatste zijn vaak (deels) ondergebracht bij specialisten zoals ABB, Alan Bradley, EAE, Klockner Moeller, Siemens, Teleméchanique enz.

Voor de overblijvende zware constructiecapaciteit zijn geen grafische marktniches te bedenken zodat er maar twee alternatieven denkbaar blijven: saneren/reduceren en andere zware machines gaan bouwen. Goss zegt in haar Amerikaanse fabriek te Durham al windturbines te bouwen voor Aeronautica Windpower Inc. Alternatieven zijn echter pas zinvol als het niet meer van hetzelfde wordt.

Hulp uit de overkoepelende concerns hoeven de persenbouwers ook niet te verwachten. Het moederconcern van manroland (MAN) bijvoorbeeld was eerder actief in scheepdieselmotoren, reactoren en ruimtevaarttechnologie, voor het tot vrachtwagens en drukpersen herleid werd. Zware persenfabrieken en knowhow aan China en/of India verkopen is een denkbaar scenario, maar Chinezen en Indiërs zullen nooit in het westen machines komen bouwen. Er zijn hier eerder al papiermachines afgebroken die inmiddels in China en elders in Azië opnieuw produceren. Tot zover de alternatieven voor de zware grafische machinebouw.

Constructeurs van vellenpersen

De bouwers van vellenpersen zijn kleiner (op Heidelberg na) dan die van rotatiepersen. En ze zijn ook met veel meer. Ze bedienen echter óók de belaagde sector van de grafische communicatie terwijl ze het ook nog eens moeten opnemen tegen de digitale printsystemen. Geen verwondering dat het scenario 'If you can't beat them, join them' opgang maakt: Heidelberg werkt bijv. samen met de printerfabrikant Ricoh; manroland en Océ hebben onlangs ook een samenwerking gesloten, die nu wellicht zal verdampen (een eerdere relatie van manroland met Xeikon (Dicopress) liep ook al stuk). Toch is de constructie van digitale persen een alternatief voor persenbouwers.

De eerdere pogingen van Heidelberg en manroland om digitale vierkleurendruk te verkopen sloegen niet goed aan omdat ze in een spagaat tussen offset en digitale druk bleven hangen. Heidelberg lijkt de draad nu toch opnieuw, maar verstandiger op te nemen. Met kleine overnames zoals Cerm (software) en CSAT (inkjetsystemen) mikt Heidelberg op de digitale verpakkingsdruk - een markt met perspectief. Dat is ook de reden waarom Heidelberg eerder startte met de ontwikkeling van de Linoprint inkjet codeersystemen. Daarnaast gaat Heidelberg ook op zoek naar contractwerk dat bij de 'Elektronische Bestückungcenters' van het bedrijf aansluit. Aanpassingsstrategieën als gevolg van het feit dat Heidelberg aan het staatsinfuus ligt: zich versterken via kleine strategisch goed gemikte stappen. En verder - maar dat geldt ook voor KBA en Japanse persenbouwers - hopen dat de productie van de manroland vellenpersen niet meer op de been komt. Die constructiecapaciteit is niet meer nodig.

Risicospreiding

Gelukkig voor KBA heeft het concern op de juiste wijze aan alliantievorming en risicospreiding gedaan. KBA en Cerutti saneerden samen en op tijd hun aanbod diepdrukpersen. KBA koestert daarnaast ook enkele unieke nicheproducten, zoals de bankbiljettendrukpersen via KBA-NotaSys SA in Lausanne. Bovendien heeft KBA een alliantie gesloten met RR Donnelley in Chicago voor de gezamenlijke ontwikkeling van de Apollo-technologie; daarin worden offsetrotatie en digitale inkjet gecombineerd zodat variabele inhoud gedrukt kan worden. Een eerste beschrijving lijkt erop te wijzen dat de inkjettoepassing die KBA ontwikkeld heeft, de inktgeving op de drukplaten beïnvloedt. Als het systeem per cmyk-kleur tot op het rasterpunt functioneert, dan kan dat inderdaad variabele in offset gedrukte eindproducten opleveren. KBA is van plan om die digitale Apollo-offsetdruktechniek op drupa 2012 te tonen. De KBA-dochter Metronic scoort op haar beurt hoge ogen met thermische printers en druksystemen voor cd's, creditcards en vergelijkbare eindproducten. Metronic bouwde eerder ook al het dotfactory inkjetprintsysteem van Agfa en de waterloze A3-offsetpers KBA Genius. Voorts zegt KBA te denken over activiteiten in de zonne-energie en de milieutechniek. KBA's strategie van risicospreiding heeft toe nu toe goed gewerkt. In alle productprogramma's weet het concern innovatie, flexibiliteit en slagkracht te combineren.

Azië

De rotatie- en vellenpersen van Mitsubishi maken deel uit van het grote industrieconcern Mitsubishi Heavy Industries (MHI) dat in de energietechniek, de lucht- en ruimtevaart, de scheepsbouw, de autobouw, de milieutechniek, de infrastructuur en de defensie actief is. De bouw van drukpersen kan dus meedrijven op de concernkracht, wat soms interessante innovaties oplevert. De vellen- en rotatiepersen van Mitsubishi worden in Zuid-Europa, Amerika en Azië gebruikt en er zijn geen aanwijzingen dat Mitsubishi naar alternatieven voor de krimpende drukpersenmarkt zoekt. Met het wegvallen van manroland en zó dicht bij de Chinese markt hoeft dat nu ook niet meteen.

Komori daarentegen moet het voornamelijk hebben van zijn vellenpersen. Met zijn strategie wil het bedrijf de levenscyclus van zijn persenprogramma met allerlei innovaties verlengen (bijv. de dubbeldekspers, de 'OffsetOnDemand', e.a.) en tegelijk scoren op 'groene' features. Jaren geleden nam Komori de rotatiepersen van Toshiba over. In combinatie met het eigen heatsetprogramma van Komori heeft dat niets opgeleverd: er werd alleen een concurrent uit de rotatiepersenmarkt weggekocht. Komori zit niet te wachten op de fabrieken van manroland in Offenbach, maar wel op de klantenportfolio, de distributiekanalen en de goodwill van manroland. Redenen genoeg om met de curator van manroland te spreken. Komori bouwt ook verpakkingsdrukpersen via Komori-Chambon en bankbiljettendrukpersen. Voor de nabije toekomst heeft Komori dus nog genoeg aspecten om 'uit te diepen'.

Ryobi bedient met zijn persenaanbod de markt voor kleine formaten en moet daarbij opboksen tegen de opdringende A3-kleurenprintermarkt. De voor Presstek gebouwde DI-persen vullen een marktniche met een eigen bestaansrecht, maar daar zit nauwelijks groei in. Verder heeft Ryobi licentieafspraken met Chinese persenbouwers voor een markt die nog groeit. Ryobi zou er goed aan doen om snel met een alternatief te komen voor de Hybrid 2.0 van Heidelberg; een naadloos in elkaar overlopend platform tussen de offset- en de digitale druk dat bijna geen inschiet verbruikt.

Afwerking

Alternatieven voor de bouwers van grafische afwerkmachines (in alfabetische volgorde: Ferag, Heidelberg, Horizon, Kolbus, MBO, MKW, Müller Martini, Perfecta, Polar, Theisen & Bonitz en de Italiaanse constructeurs van bindmachines) zijn moeilijk te bedenken. Zij moeten zich aan de huidige en toekomstige markt aanpassen. Vooralsnog komt dat neer op consolideren en waar mogelijk innoveren; vooral in de afwerking on demand.

Hun fabrieken zijn heel geschikt om contractconstructiewerk voor derden - vooral de lichte industrie - in huis te halen. Het zou natuurlijk van wijsheid getuigen als fabrieken op dezelfde markten hun programma's en capaciteit op elkaar afstemmen, maar in de praktijk loopt dat soms mis. Zo is Gämmerler na een faillissement door Blue Cap AG ingelijfd, waarna het bij Planatol GmbH ondergebracht werd. De recessie en het gebrek aan opvolging brachten ook Rima en Müller Martini tot elkaar. In korte tijd is daardoor het productieaanbod voor rotatiestackers deels onder dwang en deels door een doordachte strategie beter op de toekomst afgestemd. Ferag heeft alternatieven aangeboord in de retail- en Direct Marketing verzendmarkt; een markt waaruit het failliete Buhrs verdwenen is. Buhrs-ITM is overigens weer op kleine schaal actief, naast de Italiaanse en Spaanse bouwers van mailingmachines.

Ten slotte: zowel in de drukpersen- als afwerkingmarkt zweeft nog altijd een groot arsenaal aan tweedehands apparatuur boven de markt. Daarvoor is geen ander alternatief dan hopen op betere tijden.

Bij het ter perse gaan, was nog niets gekend over de definitieve toekomst van manroland. Wanneer dit nu toch het geval mocht zijn, verandert dit weinig aan de stelling van dit artikel.