3D-printers: HP onthult zijn eerste twee industriële modellen

23/05/16 om 00:35 - Bijgewerkt om 00:35

HP heeft twee versies van zijn 3D-productieprinter HP Jet Fusion 3D onthuld. "10 keer sneller en 50% goedkoper" dan de concurrentie volgens de Amerikaanse fabrikant

3D-printers: HP onthult zijn eerste twee industriële modellen

Twee jaar geleden al kondigde HP aan dat het in 2016 zijn eigen 3D-printers op de markt zou brengen. Dat is nu een feit. De fabrikant stelde onlangs twee 3D-printers voor: een model waarmee snel prototypes aangemaakt kunnen worden, en een industrieel productiemodel. Bovendien zijn de beloftes van HP niet mis: de technologie HP Jet Fusion 3D maakt het mogelijk om 10 keer sneller hoogwaardige onderdelen te maken dan met de klassieke poedertechnologie, en zelfs 25 keer sneller dan de FDM. En dat tegen een productieprijs die lager ligt dan die van de huidige modellen. Volgens de fabrikant is dat te danken aan een procedé waarbij poeder onder invloed van een energiebron gebonden wordt.

De HP Jet Fusion 3D 3200 is het instapmodel, bedoeld voor de aanmaak van prototypes. De printer wordt vanaf 2017 geleverd voor prijzen van 120.000 ? tot 145.000 ?. In dat laatste geval krijg je de versie met alle opties. De HP Jet Fusion 3D 4200 is krachtiger dan zijn soortgenoot en is ontwikkeld om kleine reeksen van onderdelen te vervaardigen. De versie 4200 die nu al besteld kan worden, wordt eind 2016 geleverd. Zijn prijs is nog niet officieel bekendgemaakt, maar volgens de geruchten zou hij ongeveer 200.000 euro kosten. De uitvoeringen van de HP Jet Fusion 3D zijn gekoppeld aan een verwerkingsstation om de materialen te laden en de stukken schoon te maken.

HP heeft gedurende 10 jaar O&O-inspanningen geleverd op het vlak van het 3D-printen. Daarbij kon het bedrijf op de steun van verscheidene vermaarde partners rekenen om de technologie HP Jet Fusion 3D op punt te stellen. Bij die partners o.a. Autodesk, Johnson & Johnson, Materialise, Shapeways en Siemens. Nike en BMW zeggen op hun beurt klaar te staan om de technologie van HP toe te passen. Nike bijvoorbeeld gebruikt het 3D-printen al verscheidene jaren om het comfort en de prestaties van zijn schoenen te verbeteren. BMW van zijn kant past de techniek toe om prototypes van ontwerpstudies en onderdelen te maken. De autoconstructeur overweegt meer bepaald om met 3D-printen standaard- of gepersonaliseerde onderdelen te vervaardigen.

Op het ogenblik leveren de 3D-printers van HP uitsluitend stukken in het zwart af, op basis van een thermoplastisch poeder (nylon). Het bedrijf wil echter de concurrentie met Stratasys en 3D Systems, de leiders op het vlak van de industriële 3D-printtechniek, aangaan met een eigen technologie die een grote verscheidenheid van materialen, zoals ceramiek en metaal, in allerlei kleuren kan verwerken. Tegelijk wil HP het 3D-printen op die manier een 'intelligente' en 'informatieve' dimensie verlenen. De fabrikant denkt bijvoorbeeld aan stukken met ingebouwde sensoren of nog stukken met veiligheidscodes of traceerfuncties voor bevoorradingsketens.

De 3D-printtechnologie van HP is enigszins vergelijkbaar met het inkjetsysteem. Het systeem brengt een fijne laag kunststof in poeder op een drukplatform aan waarop dan via een buis met spuitkopjes druppeltjes van een chemische stof verstoven worden. Door die stap gaat het materiaal fuseren. Dankzij dat proces kunnen de 3D-printers van HP 340 miljoen voxels (3D-pixels) per seconde verwerken. De maximale afmetingen van de 3D-stukken bedragen 40,6 x 40,6 x 30,5 cm.

Lees meer over: